Let op: Niet alle voorstellen zijn definitief. Deze zijn pas definitief na akkoord van de Tweede Kamer en de Eerste Kamer.
AOW-leeftijd
De AOW-leeftijd voor de aankomende periode is:
| Jaartal | AOW-leeftijd |
| 2027 | 67 jaar |
| 2028 | 67 jaar en 3 maanden |
| 2029 | 67 jaar en 3 maanden |
| 2030 | 67 jaar en 3 maanden |
| 2031 | 67 jaar en 3 maanden |
Praktische tip
Vanaf 1 januari 2033 had het kabinet de AOW-leeftijd direct willen koppelen aan de stijgende levensverwachting, om de betaalbaarheid van de AOW op lange termijn te waarborgen. Maar dit plan heeft onvoldoende steun van de oppositie, waardoor het niet doorgaat.
Bevriezen aftoppingsgrens pensioen
Praktische tips
• De aftoppingsgrens is het pensioengevend inkomen waarboven pensioenopbouw fiscaal niet is gefaciliteerd. Deze grens is nu € 137.800,-. Niet alleen pensioen maar ook lijfrente wordt hierdoor geraakt.
• Door loonstijgingen op basis van cao’s stijgen de feitelijke lonen wel. Daardoor valt op termijn een groter deel van het loon boven de aftoppingsgrens. Over dat deel kan dan minder pensioen worden opgebouwd dat fiscaal is vrijgesteld. Deze maatregel was al aangekondigd in het coalitieakkoord.
Implementatietraject Wet toekomst pensioenen
De transitie naar het nieuwe pensioenstelsel gaat een beslissende fase in. Vanaf 1 januari 2028 moeten alle pensioenregelingen voldoen aan de Wet toekomst pensioenen (Wtp). Verzekeraars en premiepensioeninstellingen moeten daarvoor nog circa 44.000 contracten omzetten.
Ook in 2027 wordt de voortgang van de pensioentransitie nauwlettend gevolgd. Daarbij is extra aandacht voor kleine werkgevers met een verzekerde pensioenregeling, zodat zij hun regeling tijdig Wtp-proof kunnen maken en fiscale consequenties kunnen voorkomen.
Praktische tip
Kleine werkgevers met een verzekerde regeling moeten hun regeling vóór 1 januari 2028 aanpassen om fiscale gevolgen te voorkomen. Zorg ervoor dat werkgevers dit op tijd hebben geregeld.
Wetsvoorstel Wet toezeggingen pensioenonderwerpen
Het wetsvoorstel maakt vrijwillige voortzetting van het wezenpensioen mogelijk, zorgt voor één duidelijke definitie van ‘kind’ en verruimt het overgangsrecht bij pensioenopbouw tijdens arbeidsongeschiktheid. Het wetsvoorstel is aan de Tweede Kamer aangeboden. Het wetsvoorstel is op 2 juni 2026 ingediend bij de Tweede Kamer. De beoogde inwerkingtreding is 1 januari 2027 en hangt af van de parlementaire behandeling.
Wetsvoorstel waardeoverdracht en gegevensuitwisseling
Het wetsvoorstel waardeoverdracht en gegevensuitwisseling heft het onderscheid op tussen kleine pensioenen die vóór en na 2018 zijn ontstaan. Daardoor wordt automatische waardeoverdracht ook mogelijk voor kleine pensioenen van vóór 2018. Het wetsvoorstel wijzigt daarnaast regels over waardeoverdracht en over internationale gegevensuitwisseling.
Wetsvoorstel pensioenverdeling bij scheiding
Conversie wordt de standaard voor de verdeling van pensioenaanspraken bij scheiding. Het deel van het pensioen dat toekomt aan de ex-partner wordt dan omgezet in een eigen ouderdomspensioen, waarmee de afhankelijkheid tussen ex-partners vervalt. De beoogde inwerkingtreding is 1 januari 2028.
Structurele voortzetting RVU-drempelvrijstelling voor zwaar werk
Sinds 2026 blijft de RVU-drempelvrijstelling structureel bestaan, zodat werknemers met zwaar werk eerder kunnen stoppen als doorwerken tot de AOW-leeftijd niet haalbaar is.
Eindheffing
Het tarief van de pseudo-eindheffing stijgt stap voor stap: 64% in 2027 en 65% in 2028. Dit is het RVU-heffingspercentage voor bedragen boven de drempelvrijstelling.
Praktische tip
Sinds 2025 monitoren het kabinet en sociale partners jaarlijks de voortgang van het akkoord, met driejaarlijkse evaluaties. Bij overschrijding van 15.000 RVU-deelnemers per jaar wordt onderzocht of bijsturing nodig is. Het eerste meetmoment in 2028 bepaalt of de huidige koers wordt aangehouden of dat de RVU-drempelvrijstelling wordt aangepast.
Pensioenen politieke ambtsdragers naar ABP
Het kabinet werkt in 2027 verder aan het wetsvoorstel dat de pensioenen van politieke ambtsdragers overdraagt aan pensioenfonds ABP.


