Het kabinet wil een verplichte basisverzekering arbeidsongeschiktheid invoeren voor zelfstandigen, de verplichte AOV. Dit blijkt uit het wetsvoorstel Wet basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen dat online staat voor advies. Het is nog niet bekend wanneer deze wet ingaat.
Terug
Verplichte basisverzekering arbeidsongeschiktheid voor zelfstandigen
Het wetsvoorstel heeft twee hoofddoelen:
- Zelfstandigen een passende inkomensvoorziening bieden bij arbeidsongeschiktheid.
- Zelfstandigen stimuleren om zelf maatregelen te nemen om hun arbeidsongeschiktheidsrisico’s te verzekeren. Uiteindelijk moet dit zorgen voor kleinere kostenverschillen tussen zelfstandigen en ook het gebruik van algemene voorzieningen beperken.
De verplichtstelling geldt voor:
- IB-ondernemers met personeel; en
- IB-ondernemers zonder personeel (zzp’ers).
De verplichtstelling geldt niet voor:
- dga’s;
- meewerkende partners, die niet meewerken als werknemer of als zelfstandig ondernemer;
- gemoedsbezwaarden; en
- resultaatgenieters uit overige werkzaamheden.
Zelfstandigen zijn dan standaard publiek verzekerd via de overheid bij het UWV, maar zij kunnen ervoor kiezen om zichzelf privaat te verzekeren bij een eigen gekozen verzekeraar met minimaal eenzelfde soort dekking of bovenop de publieke verzekering.
De volgende verzekeringskenmerken worden voorgesteld door het kabinet:
| Uitvoerder | UWV |
|---|---|
| Uitkeringsbedrag | 70% van het inkomen in de laatste werkmaand en nooit meer dan het minimumloon. |
| Uitkeringsduur | Tot aan de AOW-leeftijd. |
| Eigenrisicoperiode | 1 jaar (standaard). |
| Premie |
Premie te betalen aan de Belastingdienst:
|
| Arbeidsongeschiktheidscriterium | Absoluut arbeidsongeschiktheidscriterium: dit betekent dat iemand arbeidsongeschikt is wanneer hij niet meer in staat is om minimaal het wettelijk minimumloon per maand te verdienen door ziekte of gebrek. |
| Voorwaarden | Iedereen krijgt een verzekering volgens dezelfde voorwaarden. |
Het overgangsrecht geldt voor verzekeringen die periodieke uitkeringen bieden en bedoeld zijn om langdurig het arbeidsongeschiktheidsrisico af te dekken.
De volgende producten vallen niet onder het overgangsrecht:
- woonlastenbeschermers en betalingsbeschermers;
- ongevallenverzekeringen;
- producten die premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid bieden; en
- schenkkringen.
Next Project